Renspel – Woordsoorten

Na de eerste toets van taal (in groep 7) kwam ik er achter dat de verschillende woordsoorten voor mijn leerlingen nog niet zo helder zijn als dat ik dacht. Het vereist nog wat extra aandacht.

Al vrij snel bedacht ik me dat we dit ook ‘bewegend’ kunnen leren. En dus ging ik even aan het werk om het volgende te maken:

Renspel - woordsoorten

Het werkt eenvoudig:

– Op het plein leg je de vier woordsoorten (verspreid) neer.
– Vanaf het startpunt neemt 1 leerling een kaartje mee. Brengt deze naar het goede woordsoort. Daar staat iemand om samen te checken of het klopt.
– Klopt het? Dan blijft de loper daar achter en de ander kan aansluiten in de rij.
– Nadat de voorste speler een high-five ontvangen heeft, mag hij/zij vertrekken.

Mijn klas had ik verdeeld in twee groepen, zodat er een wedstrijd element in het spel kwam. Welk team heeft als eerste alle kaartjes bezorgd?

Daarna controleerden we per team of alle woorden bij het juiste woordsoort terecht waren gekomen. De woorden die verkeerd afgeleverd waren, tellen als minpunten. Het team mag aansluitend nog bespreken waar het betreffende woord wél bij hoort.

Eigenlijk heel simpel, maar toch goed bezig met de woordsoorten. Tijdens het spel ontstonden discussies waarom iets wel/niet een werkwoord was, etc. Voor mij was het doel bereikt: Met elkaar in gesprek gaan over de leerstof en bespreken waaraan je woordsoorten kunt herkennen.

Bij deze de download: Renspel – woordsoorten

Veel plezier!

Advertenties

Kleurrijk tekenen

… met wasco of vetkrijt! Hoe vet is dat?

Kleurrijk tekenen

Op internet kwam ik dit toffe idee tegen en ik dacht: Dit gaan we uitproberen! De kinderen waren erg enthousiast. Je moet maar net zoiets leuks tegenkomen. Niet een idee van mijzelf dus; je kunt alle informatie vinden op de website van Krokotak.

Alle bestanden heb ik in één documentje gezet, zodat het makkelijk voor je te printen is en je eigenlijk al vrij snel met je klas van start kunt.

Hier vind je een foto-stappenplan en de prints als download: Kleurrijk tekenen

Voor de kids was het wel even zoeken hoe het moest, dus het is handig (zoals altijd, realiseer ik me) om het even voor te doen. Maar die tip is vast overbodig! 😉

Als je er niet helemaal uitkomt, laat het me weten!

VB kleurrijk tekenen

Veel tekenplezier!

30x een complimentenkaart!

Elk kind veert op bij een compliment. Jouw leerlingen toch ook?

complimentenkaartjes

Gedurende de dag deel veel complimenten uit, waarvan 1 als kaartje. En óf dat wat met hen doet! Ik kan ze voor mijzelf houden, maar waarom zou ik dat doen?

Downloaden maar en deel ze uit in je groep. Het geeft een positieve stimulans in je groep. En dat willen we toch allemaal?

30x complimentenkaart

Veel plezier!

Mijn eerste Escaperoom!

Een beetje spannend is het wel…

Een Escaperoom? Ja. Maar vooral: Het delen met jullie! Want hoe maak je zoiets? En hoe werkt het? Ik probeer het graag eerst zelf uit, maar het is nog vakantie. Toch maar de stoute schoenen aangetrokken en zie daar: Mijn 1e escaperoom voor mijn nieuwe klas!

Download het bestand en lees, print, knip, lamineer (hoeft niet!), leg alles klaar en bereid je voor op een middag puzzelplezier!

Escaperoom – Wie is de crimineel.docx

Zelf verwacht ik dat deze Escaperoom vooral geschikt is voor de groepen 7 & 8.

Laat je een reactie achter? Thanks!

PS: De puzzels komen van internet / Pinterest. In hetzelfde bestand vind je ook de bronvermelding van deze puzzels.

PS2: Veel om gevraagd! Bij deze: Escaperoom – Wie is de crimineel – antwoorden

Van groep 2 naar groep 3 – deel 4

In de vorige updates deelde ik met jullie mijn aanpassingen en ervaringen bij een soepele overgang van groep 2 naar groep 3.

1. Start de dag met ‘de inloop’

2. De kring als basis

3. Flexibele werkplekken

Voor vandaag gaan we naar de 4e tip bij het vak rekenen:

Gebruik met rekenen het circuit en daarnaast niet te vergeten de materialen van Met Sprongen Vooruit.

Hoe ziet de rekenles er dan uit?

Tijdens de rekenles verdeelde ik de leerlingen in verschillende groepjes. Dit kunnen elke dag dezelfde groepjes zijn, maar je kunt hier zelf ook in variëren. Maar net wat je zelf handig vindt. Tijdens de start van mijn rekenles nam ik de verschillende onderdelen van de rekenles met mijn leerlingen door. Bijvoorbeeld:

Er zijn 3 rondes van 15 minuten. Dit houdt in dat je elke activiteit maximaal 15 minuten duur (sluit aan bij de spanningsboog van je leerling).

(Foto van het scherm..)

Welke voordelen heeft deze manier van werken?

  1. De instructie geef je in kleinere kring, je hebt beter overzicht of iedereen het begrijpt.
  2. Als je leerlingen indeelt bij elkaar per niveau kan je nog beter je instructie aanpassen qua snelheid, concrete materialen, herhalen, inoefenen, etc.
  3. Door maar korte momenten te hebben gaat de les sneller voorbij en houden de leerlingen het per 15min beter vol om te concentreren.
  4. De rekenles blijft zo heel gevarieerd, je hebt zo ruimte en tijd om spelend rekenen toe te voegen wat goed aansluit bij het niveau van je leerlingen.
  5. Inzet van Met Sprongen Vooruit is heel plezierig. Elke leerling ervaart het als een spelletje terwijl er ondertussen aan rekendoelen wordt gewerkt.

Wat zijn valkuilen?

  1. Begrens goed de tijd, het spreek/speelvolume.
  2. Overzicht houden terwijl je instructie geeft, ook over je andere leerlingen.

Over Met Sprongen Vooruit kan ik je uiteraard nog veel meer vertellen, maar dat doe ik in een andere update.

Heb je vragen? Stel ze gerust! Ik denk graag met je mee over hoe jij het praktisch kunt toepassen in jouw groep.

Alvast succes (en geniet nog even van je vakantie)!

Van groep 2 naar groep 3 – deel 3

Met deze tropische temperaturen -terwijl het voor iedereen nu heerlijk vakantie is- wordt het tijd voor deel 3 voor een fijne overgang van de kleuterklas naar groep 3.

Mijn 3e tip is:

Vanuit de kleuters was op onze school nog geen gewenning aan vaste plekken aan tafel. Wel in de kring, maar niet aan tafel. Mijn ervaring na 3 weken in groep 3 was dat voor veel kinderen de tafel als een ‘blok aan het been’ werd ervaren. Ze zijn nog zo heerlijk speels. En ik zette hen voor zo’n vijf uur per dag aan een tafel. Hier moest wel iets op te verzinnen zijn!

Dus creëerde ik verschillende werkplekken:

  1. Groepjes
  2. Een rijtje naast elkaar (met gezicht naar de muur, als stille werkplek)
  3. Een hoge tafel (nodigt uit om te staan tijdens het werken)
  4. En niet te vergeten de werkplekken op de grond

Het zijn WERKplekken. Dus ik geef geen klassikale instructie meer als we vanuit de kring een plek opgezocht hebben.

(Vergeet even de verhuisdozen.. 🤭)

Hoe werkt het?

  • Vanuit de kring kiezen je leerlingen een werkplek.
  • Tijdens deze les blijf je daar zitten, je wisselt niet zomaar van plaats. (Voor echte rust zou je kunnen kiezen dat deze plek voor een dagdeel de werkplek blijft.)
  • Plaatsen voor elkaar reserveren kan niet.
  • Kinderen die gebaat zijn bij een eigen vaste plek geef je uiteraard wel een vaste plek, indien mogelijk in overleg.
  • Lesboeken etc. bewaren we in de kast.
  • Elke leerling heeft een eigen pennenbakje/etui, deze staat ook in de kast.
  • Elke leerling heeft een eigen postvakje waar het leesboekje en evt een kleurplaat of werkblad in bewaard kan worden.

Welk verschil is er merkbaar?

  1. Door te kunnen kiezen voor werkplek, is er even beweging tussendoor en tijdens je werkmoment minder wiebel-onrust.
  2. Sommige kinderen schrijven nog vanuit hun schouder in plaats van pols, dat is staand/op de grond makkelijker dan aan tafel. Zo kom je deze kinderen ook tegemoet.
  3. Je kan met keuzetaken werken en dan per groepje wat taken neerleggen. Is die taak klaar, zoeken ze een andere plek op om verder te werken. (In mijn klas van 26 had ik 35 werkplekken; door een hoge tafel en plaatsen op de grond, dus altijd is er nog een plekje ergens vrij.)
  4. De kastjes houd je overzichtelijk opgeruimd.
  5. Kinderen blijven heel flexibel met waar er gewerkt wordt.
  6. Je hoeft niet de hele dag aan een tafel te zitten, de kring is de basis. De tafel is de werkplek.
  7. Je kunt voor rekenen bv vragen bepaalde kinderen aan een groepje te gaan zitten. Met hen kan je een verlengde instructie doen. Terwijl je met lezen daar weer andere kinderen wil hebben voor verlengde instructie.

Het is een kwestie van doen! Uitproberen. Stap uit de vaste structuur en durf het aan. Stel je vragen, laat iemand meedenken. Het is de moeite meer dan waard!

Heb je nog vragen? Let me know!

Van groep 2 naar groep 3 – deel 2

In mijn vorige blog schreef ik hoe eenvoudig je elke dag kunt starten met een inloop. Niet alleen een soepele overgang van thuis naar school, maar dit geeft je ook even een moment om een ouder te spreken.

Vandaag deel 2. Toen ik startte met mijn groep 3 gaf ik alle kids een plaats en van achter hun tafel ontvingen de leerlingen mijn instructie. Die tafel bleek toch heel vaak interessanter te zijn dan mijn les (dat kan uiteraard ook aan mij liggen). Steeds viel er wel iets uit de tafel wat dan weer mijn les of de rust verstoorde. Wat zou kunnen helpen?

Ik dacht aan hoe mijn kleutercollega’s dit aanpakten. De kring als basis. In de kring geef je de instructie. De start, het verhaal, een activiteit. We zijn dit gaan uitproberen en we kwamen minstens 3 pluspunten tegen:

1. De kring is vanuit de kleuters vertrouwd en zo heb je ook in groep 3 iets war herkenbaar vanuit groep 2.

2. Doordat je na je kringactiviteit/ instructie een wisselmoment hebt komen de kids meer aan hun beweging toe dan alleen aan een tafeltje te blijven zitten.

3. In de kring heb je goed overzicht of iedereen nog aan boord is tijdens je les.

Na het wisselmoment kan je nog een korte werkinstructie geven. In de zin van ‘wat moet je waar schrijven’.

Probeer het eens uit het komende schooljaar! Onze ervaring was zo positief dat we ook het komende schooljaar de kring als basis van de les (de hele dag door) gebruiken.

Extra tip: Het is natuurlijk mogelijk om alle leerlingen een vaste plek te geven in de kring.